De meest gestelde vraag na de break-up is: heb je al een eigen plek gevonden? Nee. En voor ik dit kan toelichten krijg ik al een medelijdende blik toegezonden, vaak gepaard met de reactie: ‘ach, wat vervelend voor je.’

Hoezo vervelend voor me? Waarom moet ik een eigen plek hebben? Omdat het zo hoort? Ik heb toch niet de liefde van mijn leven verlaten om op een flatje driehoog achter in een stad te eindigen. Dus ik ga het nogmaals zeggen: ik wil mijn dromen achterna, ik wil de wereld zien, ik wil zwerven. En daar hoort geen vaste woon- of verblijfplaats bij.

Ben ik dan helemaal van het padje af? Absoluut niet. Laat ik het proberen uit te leggen, want voor mij was het ook niet in een klap duidelijk. Met het verbreken van de relatie heb ik niet enkel mijn relatie losgelaten, maar heb ik ruimte gecreëerd om toe te geven aan de droom die daaronder zit en dat is om alles los te laten. En zeg nou eerlijk, wie droomt er nu niet van om de deur achter je dicht te trekken en ergens helemaal opnieuw te beginnen. Ik wel. En dat wil ik niet één keer doen, maar keer op keer.

En zeg nou eerlijk, wie droomt er nu niet van om de deur achter je dicht te trekken en ergens helemaal opnieuw te beginnen.

Het niet kiezen voor een eigen plek gaat ook over het loslaten van materialisme, maatschappelijke conventies en bovenal loslaten van angst. En dat loslaten is geen zen-achtige activiteit waarbij je alle meningen en stilzwijgende normen en waarden over wat hoort van je af kunt laten glijden in een meditatiesessie. Nee, het vergt een stevige ruggengraat en een scherpe tong om alle meningen die je over je uitgestort krijgt te pareren, terwijl ik het antwoord zelf niet eens weet. Nee, loslaten is niet het goede woord. Het gaat eerder over je los maken. Je los maken van jarenlange ingeprente overtuigingen en aannames.

Ook mijn eigen hoofd sputterde direct tegen in het woonruimte vraagstuk. Het wilde al direct de volgende gouden kooi om me heen bouwen. Ik kreeg aantrekkelijke aanbiedingen van huurappartementen in diverse steden en zelfs een aanbod om een vakantiehuisje op een camping te kopen. Mijn hoofd schreeuwde direct: ‘Doen Floor! Een buitenkansje! En je hoeft je nooit meer zorgen te maken over woonruimte. En dat vakantiehuisje kun je mooi verhuren als je op reis bent.’ Het was echter niet de ratio die sprak, maar de angst. De angst om volgende maand zonder woonruimte te zitten. De angst voor het onbekende. De angst voor de toekomst.

Mijn hart kromp ineen en bedacht dat het zijn dromen moest opgeven. Kleiner maken. Niet zoveel eisen van het leven. Groots en meeslepend leven Floor. Tsss. Je moet ook gewoon werken en geld verdienen en een woonruimte hebben. Nachtenlang lag ik wakker in mijn blokhut. Een smalend stemmetje begon te fluisteren: ‘Heel stoer hoor, de liefde van je leven verlaten, een natuurhuisje huren. Maar wat nu? Wat ga je nu doen?’

In de uren dat ik niet kon slapen las ik expeditie- en reisboeken en knaagde er iets in mijn buik. Het wilde me iets zeggen, maar ik kon het niet verstaan. En dus droomde ik verder en zwolg mee op het geweeklaag van de auteurs over het ondraaglijke normale bestaan.

‘Heel stoer hoor, de liefde van je leven verlaten, een natuurhuisje huren. Maar wat nu? Wat ga je nu doen?’

‘Ik lijd aan wegwee, dat is het tegenovergestelde van heimwee. Als ik niet op reis ben word ik recalcitrant, destructief en zelfs een beetje depressief. Dus plan ik zodra ik terug ben mijn volgende trip naar het buitenland.’ Ik schrik op van mijn schilderij. Dit gaat over mij. Aan het woord is professor Ap Dijksterhuis in een podcast over reizen. ‘Helder. En klopt het ook dat er momenteel onderzoek wordt gedaan naar het wegwee of reis gen dat sommige mensen zouden bezitten,’ vraagt de journalist. Daar is professor Dijksterhuis niet zo zeker van.

Nou, ik wel! Met de kwast in de hand ga ik voor het raam staan en kijk ik uit over de weilanden van de boerderij waar ik nu verblijf. Dít is wat mijn instinct me nachtenlang probeerde te zeggen: diep in ons (oké, in sommige van ons) zit het wegwee gen. Het nomade gen. Duizenden jaren lang heeft de mens rondgezworven, op zoek naar nieuwe plekken, zichzelf verwonderend, zichzelf ontdekkend, de natuur ontdekkend. Het is een natuurlijk mechanisme. In de geschiedenisboeken werd (en wordt) deze levensstijl afgedaan als overleven, omdat we de hedendaagse standaard leven noemen. Een koophuis, een megalomane hypotheek, oneindige verzekeringen, pensioenen waar voor gespaard moet worden en 40-urige werkweken om dit allemaal te betalen, noemen wij leven. Maar wat gebeurt er als we het omdraaien. Als wat we nu doen overleven is en rondtrekken, reizen en zwerven juist het leven is. Wat als we, zonder ge-ja maar, accepteren dat het een mogelijkheid is. Gewoon een mogelijkheid.

4 dozen boeken, 3 tassen kleding, 1 tas met schoenen en 1 fiets. Dat is mijn leven.

Hoeveel cocktailjurkjes kan een mens hebben! Ik sta voor de kledingkast, correctie: ik sta in de inloopkast van ons gezamenlijke koophuis. De vloer ligt bezaaid met jurken en kledingstukken uit een ander leven. Rigoureus ga ik te werk. Alles wat ik afgelopen jaar niet heb gedragen gaat weg, waarover ik twijfel ook, en waarvan ik ongetwijfeld spijt ga krijgen, ja die ook. Wat overblijft zijn 3 tassen kleding en 1 tas schoenen. Maar daar blijft het niet bij. Buiten staat een container en hoewel ik het idee eerst belachelijk vond, raakt hij toch aardig vol met allerhande spullen van keukenmachines tot kasten. Ook ga ik door mijn boeken heen. 3 volle boekenkasten blijken uiteindelijk in 4 dozen te passen. Boeken die het waard zijn om te herlezen. En waarschijnlijk kan ik dit over een jaar nog eens halveren.

4 dozen boeken, 3 tassen kleding, 1 tas met schoenen en 1 fiets. Dat is mijn leven. Ik pak 6 boeken uit een doos, stal de rest op zolder bij ex-Vriendlief en gooi de tassen en fiets in de auto. Een last valt van mijn schouders en een diepe zucht verlaat mijn lichaam. Een lichter leven. Je los maken van de ballast van gisteren en loslaten van de angst voor morgen. Leven in het heden. Een nomade bestaan.

Dat was een maand geleden. Inmiddels heb ik op meerdere mooie plekken mogen verblijven: een blokhut in de Achterhoek, op een vleesboerderij in Barneveld, een appartement in Valencia en nu zit ik op een vakantiepark op de Veluwe. Voor ik wortel ga schieten verkas ik, om te kunnen blijven genieten, verwonderen, ontdekken, maar bovenal om te leven. Te leven als een moderne nomade.

Dus voor iedereen die een antwoord wil op de vraag: heb je al een eigen plek gevonden? Nee, ik ben vrij om te wonen waar ik wil. Jij?

Nieuwsgierig naar de plekken die ik in Nederland bezoek en waar ik verblijf? Volg me dan op Instagram en zie hoe veelzijdig Nederland is.